Intro-Exact
Voor het studiemateriaal van de eerste vier weken, klik hier.
Het materiaal voor de
laatste drie weken wordt op het college uitgedeeld.
Extra opgaves voor het werkcollege (9.00-9.45) van dinsdag 7 november:
1) Beschouw de permutaties p=(145)(23) en q=(12345). Bepaal p
na q,
q na p, en bepaal de inverses van p
en q.
2) Bestaat er een figuur in het platte vlak met 4 hoekpunten
en 24 symmetrieen?
Motiveer je antwoord.
3) Bestaat er een figuur in het platte vlak met 3 hoekpunten
en 6 symmetrieen?
Motiveer weer je antwoord.
4) Bij de interpretatie van permutaties in ruimtelijke fuguren
hebben we
verschillende mogelijkheden voor het
taalgebruik. Bijvoorbeeld (123) kan
betekenen dat 1 vervangen wordt door
3 (deze afspraak hebben we gemaakt)
maar we zouden ook kunnen afspreken
dat dit betekent 1 naar 3 gaat. Hoe hangen
die twee interpretaties met elkaar samen?
5) Probeer een figuur te bedenken in de ruimte, met 5 hoekpunten,
met zoveel
mogelijk symmetrieen. Doe hetzelfde
in het platte vlak.
Opgaves voor het werkcollege van dinsdag 14 november:
1) We maken alle opgaves van paragraaf 4 en 5.
2) Opgave 8.1 en 8.2.
(Waarschijnlijk is dit teveel voor 45 minuten; probeer zoveel mogelijk
vantevoren thuis
voor te bereiden. Als je er niet uitkomt kun je het tijdens het werkcollege
vragen.)
Antwoorden van het wiskunde-onderdeel van het tentamen van vorig jaar
(a) 6!
(b) (143)(26)(5)
(c) q na p = (1435)(2)(6); p na q = (1453)(2)(6)
(d) Als we de hoekpunten van het ondervlak de nummers 1, 2, 3 en 4
geven, waarbij de afstand
tussen 1 en 2 gelijk is aan a,
dan krijgen we (12)(34)(5)(6)
(e) 4, 4, 12.