VU-Kamerorkest home
Felix Mendelssohn-Bartholdy (1809-1847)
Symfonie nr. 3 in a, Op. 56, “Schotse”
1. Andante con moto - Allegro un poco agitato -
2. Vivace non troppo -
3. Adagio -
4. Allegro vivacissimo
Mendelssohn was een kind van zijn tijd en jaagde als jonge romanticus zo veel mogelijke authentieke indrukken na. Om zijn nieuwsgierigheid naar alle facetten van het leven te bevredigen maakte hij een Grande Tour die hem zowel in Italië als in Schotland bracht. Het is al als romantisch te beschouwen dat Mendelssohn twee zulke tegengestelde landen bezocht en vervolgens als inspiratiebron voor twee symfonieën gebruikte. De romantiek was een periode van cultuurrelativisme: de zeer kunstzinnige Italiaanse cultuur werd niet meer vanzelfsprekend als hoger beschouwd dan de meer aardse cultuur van de bosjesneger of de Schotse Hooglander. Sterker, het leven van de mens dicht bij de natuur werd door intellectuelen hevig geïdealiseerd. Des te opvallender is het dat Mendelssohn in deze symfonieën nog zo classicistisch te werk gaat. De storm die door het eerste deel van de Schotse symfonie raast, líjkt inderdaad op een storm, maar wel op storm die men behaaglijk vanuit de leunstoel bij de haard door de schoorsteen hoort gieren. Aan een meer ongebonden uitbeelding van levensverschijnselen, kenmerkend voor de romantische kunst, daaraan deed Mendelssohn nog niet. Wat dat betreft waren Beethoven en zelfs Berlioz (wiens ‘Symphonie fantastique’ maar liefst twaalf jaar ouder is dan de ‘Schotse’) hem de baas. Zelfs de hevigste Schotse storm blaast Mendelssohns klassieke vormen nog niet omver, zo vakkundig en beheerst als ze door hem zijn opgebouwd.
Dit was de reden dat Mendelssohn tot voor enige decennia door veel mensen als niet helemaal eersterangs werd beschouwd. In het lineaire denken van de mens, waarin Mahler door velen als het eind- en hoogtepunt van de muzikale ontwikkeling wordt beschouwd, was voor hem geen plaats. Mendelssohn was immers niet verder gegaan waar Beethoven was gestopt, maar had juist teruggegrepen naar het verleden. Aan dit conservatisme hebben we overigens niet alleen zijn ongelooflijk levenslustige muziek te danken, maar ook de muziek van zijn oudere kunstbroeder J.S. Bach, die zonder Mendelssohns opgraafwerkzaamheden wellicht geheel verloren zou zijn geraakt.
Simon Verhaar