VU-Kamerorkest home

Jan Václav (Hugo) Vorísek (1791-1825)

Symfonie in D


1. Allegro con brio
2. Andante
3. Scherzo (Allegro ma non troppo)
4. Finale (Allegro con brio)

De Tsjechische componist Jan Václav (Hugo) Voricek (1791-1825) studeerde in Praag, een centrum van nieuwe muziek, waar hij de romantische muziek van Spohr en vooral Beethoven leerde kennen. Ook het nieuwe nationale zelfbewustzijn in de Tsjechische muziek beïnvloedde hem. In 1813 emigreerde hij naar Wenen, waar hij bij Hummel en Moscheles verder studeerde. Hij kende Beethoven, die zich zeer lovend over zijn composities uitliet, persoonlijk. Aan zijn veelbelovende korte leven kwam een einde door tuberculose.

Uit zijn werken (voor piano, kamermuziek, symfonische werken en vocale muziek) spreekt een geniale geest en een romantische expressie. Zijn pianomuziek o.a. de Impromptus op.7 wijst vooruit naar de Impromptus van Schubert die zeer waarschijnlijk door hem beïnvloed is. In het gebruik van Tsjechische elementen in zijn muziek is Voricek ook een voorloper van Smetana.

Maar Voricek is vooral bekend gebleven door zijn vierdelige symfonie in D, die altijd zal moeten concurreren met de symfonieën van Beethoven.

In het eerste deel, Allegro con brio, is de techniek van Beethoven herkenbaar, maar het eigen karakter van de componist spreekt uit de soms lange lyrische lijnen waar Beethoven kleine motieven gebruikt. In het tweede deel, Andante, bloeit uit de cellogroep een romantische cantilene op zoals we die ook bij Beethoven kennen. Triolen geven het deel later danskarakter. Het uitgelaten Scherzo met zijn staccato-motoriek en het contrasterende lyrische Trio met lyrische solistische blazers hebben een oorspronkelijk karakter. Het slotdeel, Allegro con brio, in klassieke stijl is de briljante finale van de symfonie.

Daan Admiraal.

VU-Kamerorkest home


View My Stats