Empatische leverancier succesvoller

De staatssecretaris van onderwijs Sander Dekker
laat vaker dan eens een proefballonnetje op.  Zo
heeft hij nu weer een nieuw idee: 10 miljoen voor
industriele promovendi.  Want het wordt nu wel
eens tijd dat de wetenschap maatschappelijke baten
gaat opleveren.  Dat concept is al zou oud als de
weg naar Rome.

Decennia lang wordt al een beproefd recept
gebruikt buitenpromovendi verder op te leiden en
te laten promoveren.  Juist kennisintensieve
bedrijven hebben daar baat bij, uiteraard de
universiteiten ook, en het leidt tot verdere
kruisbestuiving en valorisatie.

De begeleidingskosten voor deze industriele
promovendi betaalde men dan uit de zogeheten
promotiebonus: dat is een geldbedrag dat de
universiteit krijgt voor een promotie.  Een gek
woord, bonus, het zijn namelijk gewoon
begeleidingskosten, maar die je pas krijgt als het
resultaat heeft geleverd.  Dit in het kader van de
outputfinanciering, een methode om te bevorderen
dat er ook resultaten worden geboekt door
onderwijsinstellingen.

Echter, een ander ideetje van de Staatssecretaris
is om juist die bonus af te schaffen, want die
outputfinanciering leidt maar tot output zoals een
wildgroei aan afgestudeerden en doctores.  Maar nu
dan weer tien miljoen om het nog eens dunnetjes
over te doen, maar dan politiek en vooral
bureaucratisch verantwoord.  De wetenschap is er
druk mee.

Ondanks dit soort bureaucratie is het toch nog
gelukt om met een van mijn industriele promovendi
van weleer een aardig resultaatje te boeken samen
met collega's die ook nog even tijd hadden.  Wij
vroegen ons af of een IT-outsourcingsdeal nu
succesvoller zal verlopen als de leverancier zich
beter kan verplaatsen in zijn opdrachtgever.  En
daar blijken sterke aanwijzingen voor te zijn.  Zo
vroegen we bijvoorbeeld aan de opdrachtgevers of
zij de kwaliteit van de dienstverlening op prijs
stelden van de leveranciers.  Vervolgens vroegen
we aan de leveranciers wat zij dachten dat de
opdrachtgevers hadden geantwoord.  Met dat soort
vraag- en antwoordspelletjes konden we vaststellen
in welke mate leveranciers zich konden verplaatsen
in hun opdrachtgevers: hoe vaker zij de juiste
antwoorden konden geven, hoe beter men de
opdrachtgever snapte.

Vervolgens gingen we kijken welke leveranciers
hoog scoorden op de empathie-ladder en of er een
correlatie was met geslaagde outsourcing deals.
Daar bleek een correlatie te zijn, met een
onbetrouwbaarheid van 8% dus net geen 5%.
Misschien nog wat meer Sander-style onderzoek?
Afijn, ik ben er wel uit: onderzoek eerst in welke
welke mate een leverancier aanvoelt hoe je er in
zit en kies vervolgens de meest empatische!  Mocht
de deal dan alsnog mislukken, heb je in ieder
geval een begripvolle schouder om op uit te
huilen!

meer weten? zie:

Guus Delen, Rob Peters, Chris Verhoef, Bas van Vlijmen,
Lessons from Dutch IT-outsourcing success and failure.

X

Meer weten over de wondere wereld van ICT
in Jip en Janneke taal? Ga dan naar de
knipselkrant van Chris Verhoef

Prof. dr Chris Verhoef is hoogleraar informatica
aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en
wetenschappelijk adviseur voor overheid en
bedrijfsleven.  Hij schrijft regelmatig een
column in de AG.  Hij is te bereiken via email:
x@cs.vu.nl.  Deze tekst is copyright SDU.  Niets
van deze uitgave mag zonder schriftelijke
toestemming van de uitgever worden overgenomen of
worden gepubliceerd.